Op Prinsjesdag, 16 september 2025, presenteerde het kabinet de fiscale plannen voor 2026 en verder. Veel maatregelen raken direct de woningmarkt en hebben gevolgen voor kopers, verkopers, verhuurders en beleggers. Hoewel sommige voorstellen nog door de Eerste en Tweede Kamer moeten worden goedgekeurd, is het duidelijk dat de nadruk ligt op betaalbaarheid, verduurzaming en flexibiliteit.
Wij zetten de belangrijkste wijzigingen uit Prinsjesdag 2025 voor de woningmarkt op een rij.
Overdrachtsbelasting: lager tarief voor niet-eigen woningen
Vanaf 1 januari 2026 wordt het tarief voor de overdrachtsbelasting bij woningen die niet als hoofdverblijf worden gebruikt verlaagd naar 8%. Dit geldt voor beleggers, verhuurders en projectontwikkelaars. Voor hoofdverblijven blijft het tarief 2% en starters kunnen gebruik blijven maken van de vrijstelling. Voor niet-woningen blijft het tarief 10,4%.
Startersvrijstelling verhoogd
De woningwaardegrens voor de startersvrijstelling stijgt per 2026 naar € 555.000. Dit maakt het voor jonge kopers tussen 18 en 35 jaar aantrekkelijker om hun eerste woning te kopen. De vrijstelling geldt alleen als de overdracht na 31 december 2025 plaatsvindt.
Huurmarkt en woningdelen
Het wetsvoorstel huurbevriezing gaat niet door. Wel komt er meer ruimte voor hospitaverhuur en woningdelen. Met tijdelijke contracten en aangepaste regelgeving wil het kabinet woningsplitsing en kamerhuur stimuleren. Voor de praktijk betekent dit meer vraag naar kamers en gedeelde woningen. Daarnaast wordt de Leegstandswet in 2027 aangepast, zodat gemeenten leegstand beter kunnen bestrijden.
Woningwaarderingsstelsel en huurtoeslag
Het woningwaarderingsstelsel (WWS) wordt vanaf 2026 aangepast om verhuurders in de middenhuur meer flexibiliteit te bieden. Tegelijkertijd wordt de huurtoeslag vereenvoudigd: maximumhuurgrenzen als voorwaarde verdwijnen, de leeftijdsgrens voor volledig recht daalt naar 21 jaar en de subsidiëring van servicekosten stopt.
Servicekosten en Huurcommissie
Er komt een duidelijke lijst met toegestane servicekosten, waardoor huurders en verhuurders meer zekerheid hebben. Ook krijgt de Huurcommissie een sterker uitvoeringskader om geschillen sneller op te lossen.
Kortetermijnverhuur en huurregister
Met ingang van mei 2026 komt er een Europese verordening voor de registratie van kortetermijnverhuur (zoals via Airbnb). Dit geeft gemeenten meer inzicht en maakt handhaving eenvoudiger. Daarnaast onderzoekt het kabinet de invoering van een huurregister.
Verduurzaming en energielabels
Verduurzaming blijft een speerpunt van het beleid:
– Vanaf 2029 moeten alle huurwoningen minimaal energielabel D hebben.
– Het Nationaal Warmtefonds blijft leningen aanbieden, ook met 0% rente voor huishoudens met een lager inkomen.
– VvE’s krijgen meer ondersteuning en eenvoudiger besluitvorming.
– Gemeenten krijgen met de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (beoogd juli 2026) extra mogelijkheden om collectieve warmtevoorzieningen door te voeren.
Conclusie: Prinsjesdag 2025 en de woningmarkt
De plannen van Prinsjesdag 2025 laten zien dat het kabinet inzet op een woningmarkt die betaalbaar, duurzaam en toekomstbestendig is. Voor starters biedt dit nieuwe kansen, voor beleggers en verhuurders verandert de fiscale omgeving en voor huurders worden regels eenvoudiger.
Let op: veel maatregelen moeten nog officieel worden aangenomen.